Hart

Mensen met hartklachten (bijvoorbeeld na een hartinfarct, dotterbehandeling, hartoperatie of hartfalen) ondervinden vaak ook na de medische behandeling in het ziekenhuis nog last van diverse restklachten.

Het hart is een zich samentrekkende spier die zuurstofrijk bloed naar alle lichaamsdelen pompt. Nadat het bloed het hart heeft verlaten, moet het eerst door de longen om zuurstof 'op te laden' voor de cellen in de rest van het lichaam.

Onderweg van het hart naar de longen gaat het bloed door de longslagader, en dan door een netwerk van steeds kleinere longbloedvaatjes. De doorsnede van deze vaatjes wordt geregeld door endotheline, een hormoon dat met de bloedstroom meereist.

De aandoening pulmonale hypertensie kenmerkt zich door een sterke toename van de hoeveelheid endotheline in de bloedsomloop. Door dat hoge endothelinegehalte vernauwen de kleine longslagadertjes zich. Als de longslagaderen nauwer worden, wordt de doorstromingsweerstand van het bloed sterker, en daardoor moet het hart zich meer inspannen om het bloed naar de longen te pompen. En tegelijkertijd moeten de longen harder werken om voldoende zuurstof in het bloed over te brengen.

Door deze aandoening wordt de bloeddruk in de longslagaderen abnormaal hoog. Doordat het hart meer energie moet besteden aan het pompen van bloed, kan de rechterkant van het hart abnormaal groeien en kan er hartfalen ontstaan.

 

 

 

 

Hart, bouw        
Het hart bestaat o.a. uit:

  • twee hartboezems (= atrium; mv. atria), die het bloed dat het hart binnenstroomt naar de rechter en linker hartkamer pompen
  • twee hartkamers (= ventrikels), die het bloed door de kleine of longcirculatie en grote circulatie pompen
  • hartkleppen, die er voor zorgen dat het bloed maar in één richting kan stromen
  • sinusknoop (= SA-knoop) in de wand van de rechter hartboezem, die het hartritme veroorzaakt
  • AV-knoop in de wand (= septum) tussen de rechter en linker hartkamer. - bundel van Purkinje in de wand tussen de linker en rechter hartkamer (= septum), die de hartprikkels vanuit de AV-knoop over de wanden van de hartkamers verspreidt
  • kransslagaderen (= coronaire vaten), die de gespierde hartwand van zuurstofrijk bloed en voedingsstoffen voorzien

Hartklachten
De meesten hebben last van vermoeidheid omdat ze lange tijd weinig of niets gedaan hebben. Regelmatig is er sprake van angst voor inspanningen en meestal weten mensen niet goed wat ze wel en niet mogen en kunnen doen.
Uit onderzoek is gebleken, dat bij het volgen van een individueel trainingsprogramma het inspanningsvermogen verbetert en dat de kans op het terugkeren van de hartklachten hierdoor kan worden verminderd.  
Na een individuele intake ondergaat u een fietstest om uw basisniveau vast te stellen. De daaropvolgende trainingen worden 2x per week gegeven door speciaal daarvoor geschoolde fysiotherapeuten.

Hartfunctie
Om ons lichaam in leven te houden, moet elke lichaamscel voortdurend voedingsstoffen en zuurstof aangevoerd krijgen. Tegelijkertijd moeten de koolstofdioxide en andere afvalstoffen die in de cel vrijkomen weer worden afgegeven aan het bloed om ze uit het lichaam te kunnen verwijderen.  Dit proces wordt constant in gang gehouden door de bloedcirculatie in het bloedvatenstelsel van het lichaam.  De bloedcirculatie bestaat hoofdzakelijk uit het hart en de bloedvaten die samen een constante bloedstroom door het lichaam in stand houden.
Het hart is in feite een pomp. Door samen te knijpen (een hartslag) wordt het bloed via de slagaderen naar het lichaam of de longen gestuwd. Gemiddeld slaat het hart zeventig maal per minuut. Op deze wijze wordt per minuut zo'n vier tot vijf liter bloed 'verwerkt'. Het systeem waarbinnen het bloed rondgaat of 'circuleert', heet de bloedsomloop. In feite is de bloedsomloop opgedeeld in twee onderdelen: de kleine en de grote bloedsomloop.

De kleine bloedsomloop gaat van de rechterhelft van het hart naar de longen om zuurstof te halen en afval (b.v. koolzuur) te brengen. De grote bloedsomloop gaat van de linkerhelft van het hart naar het lichaam om zuurstof en brandstof te brengen en afvalstoffen op te halen. In feite komt het bloed dus bij elke ronde twee keer door het hart.Het hart is opgedeeld in twee helften: een rechterhelft en een linkerhelft. Beide helften zijn weer opgedeeld in twee onderdelen : een boezem en een kamer. De rechterboezem is d.m.v.een klep verbonden met de rechterkamer. De linkerboezem is op eenzelfde wijze verbonden met de linkerkamer. Uit deze beide kamers komen de grote slagaders. Vanuit de rechterkamer loopt die naar de longen en heet dus longslagader. Vanuit de linkerkamer loopt die naar het lichaam en heet lichaamsslagader of aorta.

In de rechterboezem zit de gangmaker van het hart, de zogenaamde sinusknoop. Deze knoop bepaalt het ritme van het hart. De sinusknoop geeft een elektrische impuls af die zich via de hartwand verspreidt. Deze impuls zorgt ervoor dat het hart samentrekt: eerst de boezems , direct daarna de kamers. Op dat moment wordt het bloed het lichaam ingepompt De hartslag bestaat uit twee perioden: de systole, waarin de kamers zijn samengetrokken en de diastole waarin de kamers zich ontspannen.In rust trekt het hart zo'n zestig tot zeventig keer per minuut samen, maar tijdens inspanning kan dit oplopen tot 160 tot 180 keer per minuut.

Beweging
Waarom heeft iedereen het bij preventie het vooral over bewegen. Daar is een simpele reden voor te bedenken. Bewegen verkleint de kans op hart- en vaatziekten.

Natuurlijk is bewegen een vaag begrip We proberen u dat een beetje uit te leggen:

Voor uw gezondheid is het voldoende om dagelijks een half uur te bewegen. Zodanig dat u er een matige tot redelijke inspanning moet leveren.

U beweegt goed als u er behoorlijk voor moet ademhalen en uw hart sneller gaat kloppen. Het gaat te ver als u niet meer kunt praten doordat u buiten adem raakt en u veel tijd nodig hebt om weer bij te komen. Dat blijkt uit onderzoek en dat is ook het advies van de wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Uit onderzoek blijkt ook dat het half uur bewegen niet aaneengesloten hoeft te zijn. Het mag gerust een optelsom zijn van bijvoorbeeld een stevige wandeling, tuinieren, fietsen en sporten. Meer bewegen mag natuurlijk altijd.

Voldoende bewegen houdt dus uw hart en bloedvaten in conditie en heeft een bloeddrukverlagend effect. Door voldoende te bewegen daalt ook het cholesterolgehalte. En het overblijvende cholesterol is verhoudingsgewijs meer van het goede soort. En dat is gunstig voor uw hart en bloedvaten. Door bewegen is het bovendien gemakkelijker om het lichaamsgewicht op peil te houden.

Wat kunt u zelf doen?
Streef naar elke dag minstens een half uur aan matige tot behoorlijke lichaamsbeweging; dat mag een optelsom zijn van bijvoorbeeld wandelen, ramen lappen, auto wassen, stoep vegen, fietsen en sporten, neem de trap in plaats van de lift, stap een halte te vroeg uit en loop de rest, laat de auto staan voor boodschappen in de buurt (loop of pak de fiets), als u een sportmogelijkheid wordt geboden (tennistoernooi van de zaak), ontloop die dan niet: beweeg samen, dat is gezellig en motiveert.

Veel succes.